hokberlare.jpg (7898 bytes)


De Loskaai op het Sluis gerestaureerd

Men zou het op het eerste gezicht niet zeggen, maar het gaat hier over een historisch belangrijke plek van Berlare omdat ze zeer oude sporen behouden heeft van menselijke activiteiten.

1. Het oudste onderdeel van deze site is de sluis tussen de Berlaar en het Broek. 

We weten niet wanneer ze gebouwd werd. Daarvan hebben Edmond Van Den Breen noch wijzelf sporen teruggevonden. Het feit dat het gewelf van de sluis in witte zandsteen gebouwd is en niet in baksteen laat wel vermoeden dat ze zeer oud is (denk maar aan de kerktoren) als we weten dat de baksteen maar in de 14de eeuw in onze streken verschenen is. Dat betekent natuurlijk nog niet dat zandsteen meteen afgedaan had. Hij kan later nog gebruikt zijn. Vele eeuwen oud dus, maar hoeveel? Die vraag zullen we wellicht nooit kunnen oplossen.

De eerste functie van de sluis was de afwatering van het Broek. Men moet zich voorstellen dat het niveau van het Broek v??r het uitturven heel wat hoger lag zodat er bij laag water op de Berlaar een natuurlijke afvloei van het water van het Broek gebeurde. Hoe hoog het Broek juist lag weten we niet maar er moet dus een sluis geweest zijn die toeliet het water van de Meir en dat van de Berlaar op hetzelfde niveau te krijgen. Er moet ook een klep geweest zijn die het water in de richting Schelde liet vloeien en niet omgekeerd. De sluis kon opengedraaid worden aangezien er afgezaagde bomen doorgestuurd werden en schuiten doorvoeren geladen met bussels ("spinsen") hout voor dijkversterkingen, met tenen (=wissen) voor de mandenvlechters, en vanaf het einde van de 17° eeuw met turf. We lazen dat de sluis herhaaldelijk gesloten werd omdat ze door de bomen en de boten beschadigd werd. Na protest werd ze dan telkens weer hersteld en opengesteld. 
Op 12 mei 1790 vergaderen de baljuw, de burgemeester, de schepenen en de broekmeesters om vast te stellen dat de sluis in zeer slechte staat verkeert en dreigt in te storten "door het geweld der waeters" in de volgende winter. Zij besluiten dat ze moet herbouwd worden. Daarvoor zullen de oude bouwmaterialen gebruikt worden. Voor de twee teerlingen aan de zijkant zal nieuwe blauwe hardsteen besteld worden. De broekmeesters zullen een lening aangaan van 200 ponden courant om het werk geheel of gedeeltelijk te bekostigen.

2. Het tweede element is de loskaai.

Hiervan weten we exact wanneer ze gebouwd is: we vonden een document daterend van januari 1644. Het was de toelating verleend aan ene Pieter Janssens om een loskaai of "aert" te bouwen. Deze werd hem verleend door de heer van Berlare, Don Diego Sanchez de Castro y Toledo - eigenlijk was het al door zijn weduwe. Het kostte Pieter Janssens heel wat moeite om het terrein naast de Berlaar te verhogen en voldoende te verharden om het verkeer van wagens en karren toe te laten. Dat verhoogde terrein is nog duidelijk aanwezig.

Pieter Janssens was gemeenteontvanger, een tijdlang eerste schepen en handelaar in vlas en lijnzaad. Hij was een welgesteld man die tientallen stukken grond bezat, waaronder het perceel aan de kaai en een hoeve aan de overzijde van de straat. Op welk perceel die hoeve juist stond kunnen we bij gebrek aan kadasterkaart uit die tijd niet met zekerheid bepalen. Pieter was een zoon van Mattheus Janssens die vanuit de omgeving van Hulst naar Berlare gekomen was en de voorvader is van alle huidige Berlaarse Janssens. Hij moest voor het gebruik van de aard een cijns van 8 schellingen per jaar betalen aan Mevrouw van Berlare maar mocht in ruil rechten heffen op elk schip dat zijn lading kwam lossen. Deze ladingen bestonden uit mest, aal, stro, hooi, hout of steen. In den beginne was er nog geen sprake van uitvoer van turf, dat begon pas - zoals reeds gezegd - tegen het einde van de 17de eeuw. 

Ongeveer 130 jaar later, in 1774 vinden we aan de overzijde, waar de hoeve van Pieter Janssens stond, de familie Abbeel. Deze familie zal hier wonen tot ver in de 20ste eeuw. Charles Abbeel baatte er in 1774 zijn hoeve uit, maar ook een herberg die toen heette: "Sluys in Vlaanderen". Die herberg bestond reeds in 1751 met die naam.

Eigenaars van de aard waren toen Charles Abbeel en de gemeente Berlare. Zij verhuurden de kaai aan de weduwe Charles De Beule. We vinden op geen enkele oude kaart ook maar één spoor van beerputten zoals er aan het Veer naar Appels lagen. Toch zijn ze er geweest. Een van de oudste bewoners van het Sluis heeft mij verteld dat hij er nog resten van gezien heeft. Hij vertelde mij ook hoe de scheepvaart hier gebeurde: de sluiswachter opende de grote sluis aan de Schelde die nu verdwenen is, hij liet het water op hetzelfde niveau komen en bij hoge tij konden de schepen op de Berlaar. Ze voeren er niet op eigen kracht, maar werden getrokken ofwel met paarden ofwel met mankracht en werden met stokken afgeduwd van de kant. Volgens hem heeft dat geduurd tot 1939, maar een nog oudere inwoonster beweert met stellige zekerheid dat het vroeger gestopt is. Ze kon er echter geen datum opkleven.

De eigenlijke loskaai lag volgens onze historische documenten aan de Berlaarse kant van de Berlaar, maar ook aan de andere zijde, op het grondgebied van Wichelen is nog een soort opstap aanwezig die wellicht toeliet van goederen te laden en te lossen aan de kant van de ingang van het gebouwtje. Aan de andere kant van de straat, aan de Meir lag ook een loskaai. Daar weten we niet veel van. Enkel dat ze in 1751 gehuurd werd door de weduwe Caerlo Buyle. Zij mocht tol heffen op het hout en de turf die daar gelost werden

3. Het gebouw op de sluis.

Van dat gebouw bovenop de sluis, zoals nu, is in 1774 echter nog geen sprake, ook niet op de Franse kadasterkaart van 1810 noch op de Poppkaart van rond 1840. In de archieven van het Kadaster te Lokeren vonden we - met de geduldige hulp van een ambtenaar, die we hier nogmaals bedanken - enkele plannetjes die ons meer inlichtingen verschaffen, echter zonder enige uitleg erbij...

Lees het vervolg in het artikel van Cyriel De Bruyne,
 in ons meinummer van 2006 (24e jg. nr. 1) p. 58 e.v.

 

In 1999 schreef Raf Verstraeten in ons tijdschrift: "Vandaag verkeert de 'loskaai' in een erbarmelijke toestand. Als niet spoedig wordt ingegrepen, is dit unieke kleinood voor eeuwig verloren zn verdwenen."

De aanvraag tot bescherming aan het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap werd geweigerd. Het gemeentebestuur moest het probleem zelf oplossen. Door allerlei moeilijkheden heeft het dan jaren geduurd vooraleer de gemeente het gebouwtje in eigendom kon verwerven en de restauratie mocht aanvatten. Intussen was de situatie drastisch verslechterd. Het bakstenen gedeelte was volledig ingestort en diende te worden heropgebouwd.

In 2006 is het eindelijk gelukt! Het gebouwtje is in zijn oude glorie hersteld. De aannemer en de technische dienst hebben keurig werk geleverd. Het resultaat mag er zijn!

We bevelen u warm aan om deze historische site eens te gaan bekijken van op de dijk die de Berlaar doorsnijdt. U aanschouwt dan een van de mooiste plekjes van Berlare! Op 19 mei werd het lint doorgeknipt.


Terug naar TIJDSCHRIFT /  Terug naar GEPLAND